Pagina's

6.6.07

De stad Visby














Van uit de haven loop je zo de oude, geheel ommuurde, stad binnen. Het boterde toentertijd kennelijk erg slecht tussen boeren en burgers want de muur diende curieus genoeg niet zozeer om de inwoners te beschermen tegen aanvallers van buiten Gotland, maar om zich te verdedigen tegen de boeren van het platteland. De grijsgekleurde muur kent tientallen torens en poorten. In de middeleeuwen was het een belangrijke Hanzestad die de concurrentie met Lübeck aankon. De stad is twee keer verwoest. De laatste keer door Lübeck. Alle kerken werden verwoest behalve de Duitse Sankta Maria kerk. Wie door de stad dwaalt vindt overal ruïnes van kerken. De stad is nooit meer de oude geworden en leeft in het verleden. Doordat er tegen de helling is gebouwd zijn er op tal van plekken onverwachte doorkijkjes over lager gelegen delen en de zee. Misschien daarom wel zo’n aantrekkelijke pleisterplaats voor toeristen al zou ik hier niet in het hoogseizoen willen zijn. De oude haven van de stad, Almaden, is nu een aantrekkelijk stadspark. Er is een nieuwe haven gebouwd. Nu lagen er 6 schepen maar in het hoogseizoen zijn dat er soms 350. Volgens de havenmeester één “big party”. Ik ben blij dat ik het nu gezien heb dan kan ik op de terugweg rustige stekjes opzoeken.

Visby heeft iets met schapen en bij voorkeur rammen. Een fiere ram siert het stadswapen. Van recentere datum is een invasie van betonnen rammen en in mindere mate schapen. Net als Nederland de afgelopen jaren overspoeld werd met gekke beschilderde plastic koeien, zo kun je hier op ieder hoek van de straat geconfronteerd worden met een grijze liggend ram. Ze doen nuttig werk door te fungeren als zitplaats of als verkeersbelemmerend object.

Je kent het wel. Je gaat op de fiets de stad in. Het begint later te regenen en als je terugkomt, een nat zadel. Sommigen vooruitziende geesten onder ons hebben daar zo’n hekel aan dat ze al bij voorbaat een plastic zak over het zadel trekken. Hier hebben ze de oplossing gevonden, een fietsenstandaard met een privé-overkapping voor het zadel.

1.6.07

I ‘v got to go to Gotland

Blå Jungfrau, het eiland waarvan ik gisteren, op 500 m afstand, de vage omtrekken heb gezien, ligt goed zichtbaar op de horizon. Het eiland is een relict uit de ijstijd en heeft een bijzonder flora en fauna, Linneus is er geweest om er studie van te maken. Er is o.a een kolonie zwarte zeekoeten, waarvan ik er verschillende heb waargenomen. Het eiland wordt gekoesterd als beschermd natuurgebied.

Lange Eric de vuurtoren op de noordpunt, die op de zuidpunt heet Lange Jan, is het laatste wat ik van Öland zie. Vlakbij de Noordgronden loopt het zicht opeens weer dramatisch terug. Ik durf niet eens meer naar binnen, bang dat er plotseling een schip opdoemt. Geconcentreerd hou ik uitkijk naar alle kanten. Ik ga af en toe staan om beter te kunnen zien en dan ik zie op nog geen 50 m afstand een zeilboot voor mij langs varen. Vier personen samengepakt in de kuip en ik meen vaag een Nederlandse vlag te zien. Dan is de boot al weer opgelost in de mist. Vijf minuten later is de mist verdwenen en het schip ook. Een moderne variant op de Vliegend Hollander!?

Een parelduiker vlucht voor het schip uit. In een poging om snel weg te komen botst hij, half vliegend en half zwemmend, tegen ieder golftop. Het ziet er onbeholpen uit. De zee is leeg, geen schip te zien. Halverwege Öland en Gotland vliegt er opeens een klein groenig vogeltje aan boord. Hij vliegt wat door de kuip en probeert op het enige wat op een boomtak lijkt, de helmstok, de gaan zitten. Maar die is gelakt en daardoor veel te glad. Uiteindelijk vind hij een plekje uit de wind onder de buiskap op de valklemmen en begint fanatiek het verenkleed in orde te brengen. Hij kijkt wat rond en gaat op de rug van mijn hand zitten. Ik voel de scherpe nageltjes op mijn huid. Hij kijkt mij vorsend aan met zijn kraaloogjes en gaat vervolgens op mijn schouder zitten. Tenslotte blijkt mijn hoofd het ideale uitgangspunt voor de volgende etappe. Hij vliegt zonder verder te dralen naar het zuiden. Natuurlijk even opgezocht hoe deze onbekende gast wel mag heten. Naar alle waarschijnlijkheid, Grauwe Fitis. Fitis is zijn familienaam á la, maar grauw heeft hij niet verdient.

Na de hele weg verder lekker gezeild te hebben, wordt het weer flink mistig als ik de haven van Visby moet gaan aanlopen. Volledig vertrouwend op de elektronica schuif ik, toch enigszins op mijn hoede, naderbij. Het is zo raar dat je weet dat er iets heel dicht bij moet zijn maar je ziet absoluut niets. Pas op 100 meter voor de haveningang zie ik opeens iets uit de mist te voorschijn komen. Het blijkt de havenpier te zijn. Een opgelucht en gelukzalig gevoel doorstroomd mij, ik ben op Gotland het land waar ooit de Gothen woonden.

Van B naar B

Een mistig begin van deze bijdrage, vind je niet?. Van B naar B? Nou laat ik het maar meteen verklaren de eerste B staat voor Borgholm en de tweede voor Byxelkrok, een naam die in een Harry Potter boek niet zou misstaan. Het is bovendien nog steeds trollenweer. Hoewel de wind wat is afgenomen, is het zicht nog steeds niet best, zeg maar belabberd. Radio Stockholm spreekt echter van wind 4 Bft, later afnemend en uit variabele richtingen. Zicht matig tot slecht en plaatselijk mist. Ik twijfel, varen of niet varen. Geen van de andere schepen maakt tot nu toe de indruk te zullen uitvaren. Nog een dag in Borgholm is ook niet aantrekkelijk. Ik ga.

De twee rode driehoeken die je in één lijn moet houden om de haven aan te sturen of uit te varen zijn al niet meer zichtbaar voor ik de haven zelfs maar uit ben. Maar ik weet welke kompaskoers ik moet varen. Gelukkig daar zie ik de eerste rode boei en even later de volgende. De dieptemeter geeft al snel aan dat ik meer dan genoeg water onder de kiel heb. De eerste hobbel is genomen, ik ben buiten. Ik zet koers naar de cardinale staak die het hoofdvaarwater markeert. Maar waar is dat ding ik moet er toch bijna tegen aan varen!? Gelukkig daar zie ik een donker silhouet opduiken. Dankzij de elektronische kaart kan ik zo nauwkeurig langs de boei sturen. Ik ben nu op ruim en diep water. Eerst een rif, het waait toch nog harder dan voorspeld is, en dan zeilzetten. Het wordt wel laveren met deze windrichting.

Uren later. De zon doet haar best om de mist te verdrijven maar heeft geen succes. Madeleine Peyroux brengt met haar zoet gevooisde stem wat warmte in deze kille omgeving. Dan zie ik de dieptemeter ineens hard teruglopen van 30 m nu nog maar 9 meter! En plotseling zie ik ook land opdoemen. Als een idioot ga ik overstag, weg van de kust. De diepte neemt gelukkig weer snel toe. Hoe kan dit!? Toen ik twee minuten geleden het scherm raadpleegde zat ik nog op diep water en nog lang niet bij de ondiepe kant. Ik ga naar binnen om te controleren wat ik fout gedaan heb. Hé, het programma zit vast. Ik heb zojuist dus naar een oude bevroren situatie zitten kijken terwijl ik in werkelijkheid al veel dichter onder de kust zat! Sting zingt ondertussen, “How fragile we are?”.

Na een herstart van het programma functioneert het weer naar behoren. Gelukkig is check en double check bijna een tweede natuur geworden. Daarvan werd ik mij bewust toen ik mijzelf al varende gefilmd had. Ik zag mijn ogen voortdurend zwervend de omgeving in de gaten houdend en het instrumentenpaneel raadplegen. Het zag er erg onrustig uit maar ik voel dat zelf niet als onrust wel als een grote alertheid om gevaarlijke zaken meteen te signaleren. Een soort bootvideo interactietraining dus.

De wind en de golven nemen steeds meer af en het zicht verbetert. Het aanlopen van Byxelkrok is daarmee geen enkel probleem. In plaats van aan een hekboei meer ik gewoon af langs de kade. Op de betonnen kademuur staat “One of the powers of darkness is back”. Lezen de jeugd hier ook Harry Potter? Ik geniet van de stilte in een vrijwel lege haven en zowaar laat de zon zich nog even zien. Na een uurtje sluipt de mist op kousenvoeten weer de haven binnen.

Borgholm

Borgholm is de hoofdstad van Öland en een bekend toeristenoord. Maar het seizoen begint hier pas half juni en is half augustus al weer op zijn retour. Je begrijpt niet dat mensen hier een boot hebben, voor zo’n korte gebruiksperiode. Misschien is het kort maar krachtig? Badplaatsen buiten het seizoen hebben iets triests, zeker op zo’n grijze dag als vandaag.

Ook hier dezelfde frustratie met de PC. Ik mag in het naast de haven gelegen hotel gratis gebruik maken van het draadloze netwerk. Dus installeer ik mij met mij laptop in een van de geriefelijke fauteuils. De verbinding is prima maar wat ik ook probeer in krijg geen inlogscherm te zien. Om gek van te worden! Ik begin te vermoeden dat er iets mis is met mijn PC.

Als ik op sta is het weer nog even treurig als gisteren. Harde noordelijke wind, mistig en koud. De weersverwachting geeft weinig hoop op een verandering op korte termijn. Niemand vaart uit, iedereen wacht op betere tijden.
Ik pak de fiets en ga naar de ruïne van het slot Borgholm. Je moet toch wat doen. Maar tot mijn verassing is het niet zozeer het slot als wel het museum gedeelte wat het interessant maakt. Vooral de tentoonstelling van beelden van Lars Widenfalk is prachtig. De mooi uitgelichte granieten beelden passen perfect in de gehavende ruimtes van de ruïne. Er is ook een gewelf waar de beelden in, met water gevulde, vitrines staan. Goudvissen zwemmen rond de beelden. Een vervreemdende ervaring. In de romantiek was dit slot al een ruïne en een veel bezochte plek. Op een van de wanden staan namen in de pleisterlaag gekrast. Graffiti uit vroeger dagen.

Even verderop is het zomerverblijf van Zweedse koning, Solliden. De tuin is toegankelijk na het kopen van een entreebewijs. Het park kent een aantal verschillende tuinen zoals een Engelse tuin, een Italiaanse tuin en ook een Nederlandse tuin. Het blijkt een geschenk te zijn van koningin Wilhelmina aan koningin Victoria, vanwege haar 60e verjaardag. Het is een strikt geometrische tuin met buxushaagjes, omzoomd door een dubbele haag van buxus en haagbeuk. Vier witmarmeren beelden steken mooi af tegen het groen. In de perken bevinden zich louter rozen met namen als Peer Gynt, Ingrid Bergman, Astrid Lindgren en Queen Elisabeth.

Borgholm














Kalmar Borgholm

Het is grijs ongezellig weer. Het waait stevig uit het noorden. Precies de verkeerde hoek want daar moet ik naar toe. De Rosy Wolf is net voor mij vertrokken, maar ik ga eerst dieselolie tanken. Dit gedeelte van de Kalmar Sund is nauw en ondiep en de noordenwind maakt dat er een stevige stroom tegen staat. Pas wanneer ik het allersmalste gedeelte achter mij heb gelaten valt er aan zeilen te denken. Het zicht was al niet best maar is inmiddels dramatisch verslechterd. Een lichtopstand van 10 m hoog, die ik op 100 m afstand passeer, is nauwelijks te zien. Ik pak al vast de toeter om zonodig geluidssignalen te geven. Gelukkig is het hier niet druk met scheepvaart. Het enige schip dat ik tegenkom is van de kustwacht, het geeft een lange stoot op de hoorn geeft als groet. De wind is toegenomen tot windkracht 6. Voor ik de fok bijzet eerst maar een rif in het grootzeil. Er lopen inmiddels ook aardige golven. Al kruisend vorder ik maar langzaam richting het gestelde doel, Byxelkrok, in het noorden van Öland. Dat is op deze manier nog uren en uren varen. Rond 1 uur ben ik ter hoogte van Borgholm. Gezien de hele situatie lijkt het mij verstandig om hier naar binnen te lopen en het schip en mijzelf niet langer te pijnigen. Er zijn meer schepen, waaronder twee onder Nederlands vlag, die het weinig zinvol vonden om tegen wind en golven in te beuken en hun toevlucht in deze haven hebben gezocht.

De stad Kalmar

Het is een warme zomeravond. De terrassen zitten vol en op het plein hoor je een geroezemoes van stemmen. Er wordt gegeten en gedronken en er heerst een bijna mediterrane sfeer in deze stad in het noorden. De jeugd heeft haar eigen feestje op een van de vele grasvelden.

In de haven is een draadloos netwerk, zo te zien is het signaal van goede kwaliteit. De hulp-havenmeester, die voor kapitein leert, geeft mij een password en inlogcode voor 24 u gebruik. Jofel! Maar als ik later probeer in te loggen lukt het niet. De verbinding is perfect maar wat ik ook probeer, ik krijg geen inlogscherm. Balen!

De stad, waar iedereen over roemt, valt mij tegen. Ik verwachtte een, gezellige beetje, rommelige, oude stad met onverwachte straatjes en pleinen. Deze stad echter heeft een doordacht recht stratenplan met twee pleinen. Het grote plein bij de kathedraal dat associaties oproept aan een schilderij van de Chirico, vanwege de leegte, en het eerdere beschreven plein dat hart van de stad is.

Na een prima nacht, zonder gestoord te zijn door discogeluiden of andere slaaponderbrekers, ben ik vroeg uit de donzen slaapzak. De ochtend wandeling voert naar het slot van Kalmar, een indrukwekkend en goed onderhouden bolwerk aan de Kalmarsund. De buurt Gamle Stan heeft een aantal, in allerlei kleuren geverfde, kleine houten huisjes. Het Konstmuseum geeft me weer een kleine dosis moderne kunst.

Later breidt ik mijn verkenningsgebied per fiets uit tot de buitenwijken van Kalmar. Aan het water van de Sund is een oud havenkwartier getransformeerd tot een elitaire woonwijk. Overal waar ik kom zie je dezelfde processen; oude havengebieden zijn ontdekt als prachtige locaties voor bewoning of andere economische activiteiten die niets meer met de oude functie van doen hebben. Later kom ik in een gigantisch koopcentrum dat ieder dag geopend is. Onvoorstelbaar wat daar allemaal te koop is. En ik kan niet bedenken wat ik nodig zou hebben.

Een aantal van jullie heeft het inmiddels al in de gaten, ik heb het niet echt met deze stad. De vonk slaat niet over. Is het te netjes, te voorspelbaar? Ik krijg het niet te pakken wat ik mis, of ben ik op het verkeerde tijdstip op de verkeerde plek? Of heb ik gewoon een off-day?

Na een pilsje op het terras klaart mijn gemoed wat op. Er is een internetcafé en de mailtjes van An en anderen brengen weer wat kleur op mijn wangen. De mannen van de Rosy Wolf uit Lelystad zijn er ook. De schipper nodigt mij uit voor een borrel aan boord. Ze zijn nu ruim een week onderweg! Dat betekent dat ze heel wat lange trajecten hebben gevaren. En nu moeten ze weer op tijd in Stockholm zijn omdat er gewisseld wordt met opstappers. Het is leuk om weer eens wat ervaringen uit te wisselen. Bovendien krijg ik nuttige informatie over de brughoogtes op de route via de Mälaren naar Stockholm.